CUSTOM JAVASCRIPT / HTML
BLOG
Waardevolle inzichten en informatie
Bloom! Training Consultants
Bekijk het hele overzicht van blog-artikelen. Lees meer >>
Breinleren
Geschreven door Andrea Lagerwey
waar en wanneer leren

Het Brein is relatief nieuw, als het gaat om onderzoek binnen de wetenschap. Pas aan het einde van de 80er jaren in de vorige eeuw, werden de eerste stappen gezet naar de huidige kennis. 

En nog steeds valt er veel te ontdekken over de werking van het brein. 

Veel deelnemers aan (online) trainingen beginnen enthousiast en vol motivatie. Maar slechts een deel lukt het om de gewenste verandering ook werkelijk in te zetten. Hoe kan jij als trainer je deelnemer optimaal ondersteunen?

Breinleren in je online training

Deelnemers willen graag veranderen. Kijk maar naar de vele voornemens op 1 januari. Maar hoeveel van die voornemens houden ze werkelijk vol?

Ook deelnemen aan jouw training kan voortkomen uit een voornemen. En jij als trainer kan je deelnemer helpen om dit voornemen wél vol te houden. 

Dat doe je door gebruik te maken van je kennis en ervaring, door een goede keuze te maken van wat je wel en niet opneemt in je training en door te snappen hoe een deelnemer leert. Of liever, hoe het brein van je deelnemer leert.

Daarmee vergroot je de kans op succes. En dat is de reden waarom we trainen, nietwaar?

Grondleggers van Breinleren

De grondleggers van het Breinleren zijn Antonio Damasio, hoogleraar Psychologie, neurowetenschappen en neurologie en David A. Sousa, onderwijskundige. 

De eerste legde verbanden tussen de ratio-emotie en de samenhang tussen hersens, lichaam en geest. De tweede paste dit verband toe in leren en opleiden waarbij hij uitging van de zuivere neurowetenschappelijke kennis.

Onbewust pasten we al veel van deze kennis toe in het leren en onderwijzen. Maar door het expliciet te beschrijven, kunnen we het bewust toepassen. En dat maakt bijvoorbeeld trainingen veel krachtiger.

Wat weten we van ons brein?

Om te begrijpen hoe je breinleren kan toepassen in je training, een korte uitleg hoe je brein werkt: 

Het brein bestaat o.a. uit hersencellen: neuronen. Als je een handeling uitvoert, gaan een aantal neuronen onderling op elkaar 'vuren'. Daardoor komen ze met elkaar in contact en wordt de geplande handeling uitgevoerd. Sommige 
ontspannen
handelingen vragen maar van een paar neuronen dat ze zich verbinden, andere, meer complexe handelingen, kunnen wel tot 10.000 neuronen met elkaar verbinden. 

Hoe vaker twee neuronen op elkaar gevuurd hebben, hoe sterker en sneller de verbinding wordt. En dat betekent dat jij die handeling steeds makkelijker en sneller kan uitvoeren. Zie daar de reden waarom complexe handelingen lastiger zijn om te leren: het kost je brein meer tijd om de verbindingen onderling sterkt genoeg te maken.

De aansturing van wat wij denken, voelen en doen, komt allemaal voort uit die verbindingen die neuronen onderling met elkaar hebben gelegd. Wanneer een vaardigheid is aangeleerd die meerdere handelingen vragen, dan worden die verbindingen samen een 'gebied'. Dit gebied wordt automatisch ingeschakeld, zodra je het nodig hebt.

Het besturen van een auto, is zo'n gebied. Het vraagt meerdere handelingen, maar over de meeste handelingen 'denk' je niet meer na. Vergelijk nu dat autorijden eens met voor de eerste keer skiën. 

Het skiën is geheel nieuw voor je brein en de betrokken neuronen moeten elkaar steeds opzoeken om te verbinden. Dat gaat nog niet zo snel, daarom voer je heel bewust de handelingen uit. (De fase van Bewust Bekwaam). Zou je echter 20 jaar lang net zo vaak skiën als autorijden, dan voer je ook die vaardigheid uiteindelijk blindelings uit. Skiën heeft een eigen gebied gecreëerd in je brein.

Patronen

Als eenmaal een gebied is aangelegd, noemen we dat in de volksmond patronen. Sommige patronen zijn oud en diep ingegraven. Haast onveranderbaar. (Als je eenmaal kan lopen, spreken of fietsen, leer je dat zelden weer af, tenzij je brein beschadigd raakt). 
Oude patronen zijn lastiger te veranderen, dan relatief jonge patronen.

Hoe komt het dat dit zo lastig is?

Het vuren kost energie en je brein gaat daar zuinig mee om. Een bekend pad volgen, kost minder energie dan een onbekend pad. En daarmee wordt duidelijk waarom je brein helemaal niet zo dol is op het leren van iets nieuws: de energie die het daarvoor nodig heeft, kan het dan niet besteden aan andere, belangrijkere zaken. Zoals het scannen van de omgeving op gevaar!

Het vuren kost energie en daar gaat je brein zuinig mee om. Daarom wil je brein liever niet veranderen!

In de praktijk

Dus, om te veranderen moet je nieuwe verbindingen maken in je brein, die dat vervolgens tegenwerkt, omdat het teveel energie kost.

Gelukkig kan je het brein helpen om die verandering wat makkelijker te maken. Bijvoorbeeld door gebruikt te maken van een aantal principes van Breinleren. 

Hieronder bespreek ik 4 principes (er zijn er meer, maar met deze 4 kan je direct aan de slag):

> Aansluiten bij wat bekend is
> Tijd en rust om te oefenen en verwerken
> Focus op wat belangrijk is
> Gebruik Spiegelneuronen

Herken jij de principes in dit blog?

Aansluiten bij wat bekend is

Heb je ooit geprobeerd een vreemde taal te leren? Dan heb je vast ondervonden dat de ene taal makkelijker aan te leren is, dan de andere. Hoe meer een taal op je eigen taal lijkt, hoe sneller je deze onder de knie hebt. Je brein maakt dan gebruik van een aantal bestaande verbindingen.
ontspannen

In je training

In je training speel je in op wat al bekend is. Je grijpt terug bijvoorbeeld op een onderdeel dat je eerder hebt besproken of op een ervaring die je deelnemer heeft. Door herkenningspunten in te bouwen, voelt het brein zich vertrouwd met de inhoud en hoeft het alleen maar verbindingen toe te voegen aan een bestaand gebied. Uiteindelijk wordt dat een nieuw gebied, maar dat zal sneller gaan, dan wanneer er vanuit het niets een nieuw gebied moet worden opgebouwd.

Overigens doet je brein dit ook onbewust; het zoekt altijd naar 'de bekende weg'. Zoals bij het leren van een nieuwe taal.

Tijd en rust om te oefenen

Het vuren op neuronen onderling, kost je brein veel energie. Hoe vaker het moet vuren, hoe meer energie het verbruikt. Uiteindelijk wordt je brein moe en neem je niets meer op. 

Herkenbaar? 

In je training

In je training houd je er rekening mee dat je deelnemer beperkt nieuwe informatie kan verwerken. Dat doe je enerzijds door te herhalen (zoals bij het vorige principe is besproken) en anderzijds door je modules niet te lang te maken. Daardoor kan je deelnemer makkelijk even stoppen en op een later moment weer doorgaan.

Je kan ook je module zelf zodanig inrichten, dat je deelnemer een pauze kan inlassen. Op die manier krijgt het brein rust en kan het weer energie opdoen voor de volgende stap in het proces van veranderen.

Focus op wat belangrijk is

Een valkuil van veel (online) trainers, is dat ze eerder te veel informatie in hun training delen, dan te weinig. 

Uit angst dat ze niet compleet zijn, of dat de training niet voldoende waarde biedt voor het geld dat ervoor gevraagd wordt.

In je training

Een teveel aan informatie, leidt er echter toe dat je deelnemer niet goed weet wat nou belangrijk is en wat niet. Je deelnemer haakt dan af, teleurgesteld omdat je training niet het resultaat heeft geleverd.

Omdat je brein veel energie nodig heeft om iets nieuws te leren, kan je er beter voor kiezen een paar onderwerpen goed uit te werken. Geef extra oefenstof, leg theorie op meerdere manieren uit zodat je deelnemer de inhoud kan verwerken en eigen maken. Dat levert veel meer op. En de onderwerpen die niet aan bod zijn gekomen, bied je in een vervolg training aan.

Gebruik Spiegelneuronen

Wat gebeurt er als je iemand ziet gapen? Jij voelt ook een gaap opkomen. Dit wordt veroorzaakt door je spiegelneuronen. Deze neuronen 'spiegelen' zich aan wat ze zien of horen en denken dat ze het zelf meemaken. Je brein leert dus ook door te kijken en luisteren naar anderen.

In je training

Een van de nadelen van online trainen, is dat je geen direct contact hebt met je deelnemer. Bij een training over bijvoorbeeld gedragsverandering, moet je dus op zoek naar een alternatief, zodat je deelnemer toch snapt wat hij of zij goed doet, zonder directe feedback.

Een alternatief is bijvoorbeeld een video laten zien met het juiste gedrag en daaraan gekoppeld een opdracht. Dankzij de spiegelneuronen, leert je deelnemer van de handelingen in de video en kan hij of zij dat kopiëren. Met een checklist, kan je deelnemer zichzelf daarna feedback geven.

Jouw online training

Als jij in je eigen online training deze principes toepast, zal je training veel beter aansluiten bij het brein van je deelnemer, waardoor je deelnemer sneller gaat leren. Dat werkt motiverend. Waarschijnlijk pas je een deel van de principes al onbewust toe. Het is dan ook geen hogere wiskunde!

Maar je kan je training enorm verbeteren door de principes van het Breinleren bewust in te zetten. Door te kiezen om te herhalen en aan te sluiten bij wat je deelnemer al weet. Door bewust je modules wat kleiner te houden en minder informatie in een keer te willen delen. En door andere manieren van leren toe te passen.

Als opleidingskundige help ik je graag door mee te kijken hoe je jouw online training op dit gebied nog kan verbeteren. Neem gerust contact met mij op voor de mogelijkheden!


Hartelijke groet, 
Andrea

Over de auteur: Andrea Lagerwey

Met haar achtergrond als opleidingskundige, helpt Andrea op dagelijkse basis ondernemers met het opzetten van een online training. In deze blog deelt zij graag haar ervaringen omtrent het onderwerp 'trainingen ontwikkelen'.

SOCIAL MEDIA

CONTACT

Bloom! Training Consultants

Andrea Lagerwey
De Garf 24
6581 SK Malden
+31618885124
andrea@trainingconsultants.nl
KVK: 73187720
BTW: NL859391036B01

Funnel Connected Website Template via Ementes